Oostende (2)

De garnaalkroketjes van madame Kroket zijn fameus, zo ook de vissoep van mevrouw Poseidon en de schotels van traiteur meneer Burggraeve. Wie hier fatsoenlijk wil inburgeren kan niet om ze heen. Trouwens ook niet om: Het Vispaleis, Patisserie Caruso en onze buurman: ‘Patrick Boudengen, Voor al uw groenten en fruit’.

Dankzij deze Oostendse culinaire geneugten kunnen we inmiddels de broekriem niet meer aanhalen en maken we iedere ochtend een afvalwandeling. Anderhalf uur, vaste route, stevige pas.

We wandelen in de voetsporen van Leopold II, de koning der Belgen die Congo tot zijn persoonlijke bezit mocht rekenen, een land dat hij overigens nooit heeft bezocht. Dit in tegenstelling tot Oostende waar hij niet was weg te branden.

Onze wandeling begint bij het Leopold II-monument:

De koning zit hoog te paard en kijkt uit over de Noordzee. Onder hem aan de linkerzijde kijken naakte Congolezen in goddelijke bewondering en met dankbaarheid naar hem op. Dankbaar omdat hij ze heeft bevrijd uit de handen van Arabische slavenhandelaren (zo kon het dus ook). Aan de rechterkant staat een groepje Oostendse vissermannen en vrouwen, ze kijken even bewonderend en dankbaar voor alles wat hij voor Oostende heeft gedaan. Wat zou Congo zijn geweest zonder Leopold II, vragen we ons af, om over Oostende maar te zwijgen.

In 2004 heeft een vroege BLM-beeldenstormer de hand van een van de Congolezen afgehakt. Een protest tegen de verheerlijking van deze Leopold en het wrede regime waarbij het afhakken van handen een populaire straf was. Op een extra info-bordje informeert de gemeente ons over de minder frisse kant van Leopolds bewind.

Zo wandelen we iedere ochtend langs de Koning der Belgen, de Beul van Congo en jawel: de Pedofiel voor wie hem de gelegenheid bood. Over die laatste hobby van de koning staat niets op het gemeentelijk bordje, noch is er iets geamputeerd. Kwestie van tijd, denken we.