Schoon schip maken

Odette is al gaan liggen wanneer wij in Oostende aankomen. De voorstelling is gedaan. We zijn te laat. Op het strand zoeken jutters naar wat van hun gading is. Ramptoeristen maken foto’s als bewijs voor de sterke verhalen die ze straks gaan vertellen.

Odette is te keer gegaan en heeft het strand verplaatst naar de Albert I Promenade. Waar het strand lag heeft ze een nieuw duinenlandschap geschapen. Alleen de daken van de strandcabines steken nog boven de duintoppen uit. Door het wegslaan van het strand zijn er steile kliffen ontstaan. Vergeleken met die aan de overkant zijn het kleuterkliffen, maar kliffen zijn het.

De strandstoelen en hemelbedden van strandpaviljoen Lydo zijn op één grote hoop gewaaid. Een gigantische brandstapel, wachtend om aangestoken te worden. Een dertigtal palmbomen in reusachtige betonnen potten hebben Odette weerstaan. Dicht tegen elkaar en diep ingegraven hielden ze stand. Eendracht maakt macht. We maken foto’s van het slagveld.

Twee weken geleden dronken we bij Lydo nog een verkoelend Antwerps Bolleke. We spraken de eigenaar die in een vertrouwelijke bui zijn leed over het slechte seizoen met ons deelde. Odette was nog niet geboren.

Wanneer we teruglopen over de promenade zien we de eigenaar van het Lydo het strand oplopen. Hij zeult een grote benzinejerrycan richting strandstoelen en hemelbedden. Hij kijkt niet op en om en loopt recht op zijn doel af. Iedereen weet dat het niet altijd schepen zijn die je achter je verbrandt.

Zoeken

‘Schat Waar liggen de eierlepeltjes?’

‘In de la.’

‘Welke la?’

‘De rechter la.’

‘Er is geen rechter la.’

‘Dan in de linker, lieverd.’

‘Er is ook geen linker, er is helemaal geen la.’

‘Nou dan zijn er ook geen eierlepeltjes.’

Alles is anders. Rustgevende gewoontes zijn weggevallen. Niets is vanzelfsprekend. Leven in Oostende is zoeken, nog meer dan thuis.

De wandelsport

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 29DBE5BC-5472-43F6-BBF2-F7125DF5D0B2-1024x683.jpeg

Mijn vriendin wil een strandwandeling maken. Het is bijna eb en wanneer we nu vertrekken kunnen we heen en terug over het harde zand. Niets wandelt zo fijn als hard zand.

Gisteravond las ik op een gezondheidssite een artikel over de wandelsport. Wandelen is het gezondste wat je kunt doen, schreef een wandelgoeroe. Met wind mee kan een beetje wandelaar wel 100 worden. Tenminste wanneer hij niet rookt, geen alcohol drinkt en veel linzen eet. Met een extra dagsupplement van wortelsoep wordt de wandelaar zeker 105, aldus de Arie Boomsma van de wandelsportvereniging.

Het gezondheidseffect van wandelen was al bekend. 2500 jaar geleden schreef Hippocrates dat wandelen het beste medicijn was tegen zowat alles. De man rookte niet, maar hield wel van een goed glas wijn. Wijn was zijn Haarlemmerolie. Zo adviseerde hij een open wond schoon te maken met in wijn gedrenkte doeken en vervolgens af te dekken met katoenen windsels die ook weer bevochtigd waren met een stevige scheut rode wijn. Wat er nog aan wijn in de amfoor overbleef klokten patiënt en arts ter afronding van de behandeling samen achterover. Hippocrates: rookte niet, at geen linzen en zeker geen worteltjessoep! Op rode wijn en een dagelijks ommetje werd de man 90. 

Met mijn vriendin loop ik op het harde zand langs de zee, heen en terug naar Bredene. We zakken af bij Brasserie Leopold en bestellen een flesje wijn voor de verzorging van onze wonden. We nemen er garnalenkroketten bij. Op de kaart van Brasserie Leopold staan geen linzen of worteltjessoepen en 90 vinden we trouwens oud genoeg.

Afgestompt

Vanaf het balkon kijk ik naar de zee. Geen rimpel te bekennen. Er is een warme dag voorspeld. Misschien wordt het wel de warmste dag sinds 2018 of 1972 of 1800, wie weet misschien wel sinds 443 v.Chr. Onder mijn balkon slepen gemondkapte badgasten hun strandmeubilair, opgeblazen krokodillen en pinguïns door de straat. Ze zijn op weg naar het beloofde strand, naar de beste plaatsen aan de vloedlijn, loge balkon. Bij haar restaurantje aan de overkant zet Jisjenka het terras uit. 

Ondertussen lees ik dat een Lange Frans premier Rutte wil omleggen, een wielrenner met een verbrijzeld hoofd het goed maakt, een hittegolf slopend is voor studenten en dat Corona de moslimgemeenschap het beroerdste offerfeest heeft opgeleverd sinds het overlijden van Mohammed: ze mochten niet bij het slachten van de schapen aanwezig zijn. Oh ja, en de ingekorte Merwedebrug is weer open.

Ik lees de berichten zoals ik mijn tanden poets: gedachteloos en routineus. Aangrijpende en dramatische gebeurtenissen reduceer ik tot vanzelfsprekende voorvallen, toevallige incidenten of eigen schuld dikke bult gevallen. Wat nog overblijft valt in de categorie het-zal-me-worst-wezen. Ik lijd aan nieuwsmoeheid. Een gevolg van een teveel. Je kunt het ook afstomping noemen.

Er verschijnt een alert op mijn iPad; ‘RIVM heeft hitteplan in werking gesteld.’ Het plan dicteert: Geen inspanning! Blijf binnen! Drink voldoende! Let extra op de mensen in je omgeving!

Ik let nog eens extra op bezwete strandgangers beneden mij die op doortocht zijn naar het beloofde strand. De stoet is nog in beweging, er is niemand bezweken, niemand vertrapt. Slechts één leeggelopen pinguïn ligt voor dood in de goot.

Inmiddels is het twaalf uur, hoogste tijd om voldoende te gaan drinken, volgens het RIVM.