Anti-R-demo

Ik doe niet aan racisme, ik heb er helemaal niets mee. Er is meer waar ik niet aan doe omdat ik er niets mee heb. Zo smeer ik geen sambal op mijn boterham met pindakaas en picknick ik niet in de vrije natuur, maar racisme is van een andere orde.

Je kunt je er niet van af maken met: ‘Ik doe er niet aan.’ Getuigen meneer, u moet getuigen, hoor ik. Ik ben niet van de getuigenis en volsta met het kijken naar een verslag van een demonstratie ergens op een lokaal Malieveldje.  Anoniem en op afstand.

Demonstranten roepen dat racisme de wereld uit moet en dat Black lives er ook toe doen. Een rapper rapt. Ik versta hem niet, het klinkt als wartaal, maar dat kan het niet zijn, het is natuurlijk woordkunst. Na de rapper komt een meisje het podium op. Ze zegt: ‘You’ve stolen everything from us.’ Ze kijkt en wijst. Het is een voordracht, iemand heeft die woorden eerder uitgesproken. Maakt overdrijving de boodschap overtuigender, vraag ik me af.

De demonstranten begeven zich richting centrum. Daar zal de bijeenkomst ontbonden worden. Ze passeren een beeld van de schilder J. Bosch. Het zal toch niet…, schiet het door me heen. De groep laat J.Bosch ongemoeid, J.Bosch heeft niets te vrezen. J.Bosch is veilig.